Dit artikel over mindful omgaan met irritatie is geschreven door mevrouw Chris Grijns. Zij ondersteunt professionals en teams bij  vitaliteit en werkplezier vanuit haar bureau Mindful werken & gezondheidsmanagement. Zij is auteur van het boek: ‘Adempauze, mindful aan het werk’, Ten Have, 2007/2015.

Wat nu?

Misschien heb je er al van geproefd of gehoord: mindfulness. Met je volle aandacht op een milde, open manier aanwezig zijn bij datgene wat nu gebeurt. In jezelf, of buiten je zelf. Tja…Je bent nu aan het lezen. Je voelt dat je zit, voelt je ogen bewegen en merkt ook nog op wat je stemming is. Punt, adem uit en ontspan er bij. Zo, er is een minuut voorbij. Je hebt aandacht geoefend.

En dan valt je een geluid op van stemmen… of is dat de schuurmachine van de buren? Je smartphone trilt.. Ja, je merkt veel op in een moment, maar dan? Irritatie ontstaat. Vaak worden mindfulness cursisten op zo’n punt gekomen ongeduldig, ‘wat nu, kan ik hier iets mee?’ Als trainer zie ik de vraag van ‘wat nu’ als een mooie kleine wig, een mini-reflectiemoment tussen je opmerkingsvermogen en je automatische reactie. Dit moment van aandachtig zijn kan het verschil maken: ‘reageer ik op mijn automatische piloot, of kan ik de situatie bewust beantwoorden’. To react or to respond?

To react

Normaliter reageren we snel en automatisch: ik geef een sneer als de loodgieter weer afbelt, ik app meteen terug op een foto van mijn nichtje, ik heb mijn oordeel klaar als ik de krant lees. En zo reageren we de hele dag op prikkels. Prettige zaken zoals even genieten van een kopje koffie in de zon kunnen ons niet lang genoeg duren. En als een  collega zegt dat ik het anders had moet aanpakken, krijg ik automatisch de neiging om me te verdedigen of wil ik de opmerking zo snel mogelijk deleten.

Ik denk dat irritatie vaak begint doordat we zo automatisch reageren.

Irritatie in een praktijksituatie

Ik ving het gesprek op tussen een verpleegkundige en een derdejaars leerling verzorgende. Deze had bij enkele patiënten de bloeddruk opgenomen en genoteerd. De verpleegkundige zag aan het eind van zijn dienst dat een van de patiënten een te lage bloeddruk had en dus bepaalde medicatie niet mocht krijgen. ‘Hoe kan dat nu’, begon hij nog met een open vraag. ‘Hm, tja, dat heb ik zo geleerd’ zei de leerlinge, ‘bloeddruk kan wel eens verschillen’.

Dit triggerde hem zo dat hij hoe langer hoe harder ging praten en haar toebeet ‘dat hij meer verantwoordelijkheid verwachtte van een derdejaars leerling en dat als je alleen maar doet wat je geleerd hebt op school, je niet goed bezig bent’…Zij bleef volhouden dat ze het goed had gedaan. Uiteindelijk werd ze nog eens met de bloeddrukmeter op pad gestuurd en bleek de medicatie nog steeds niet gegeven te zijn. Achteraf vroeg ik haar wat zij van dit gesprek geleerd had. ‘Ik heb geleerd me in te houden. Ik had hem de huid vol willen schelden. Hij zet me te kijk waar collega’s bij zijn, maar ik zeg niks, ik hou de eer aan mezelf’.

Eerste waarneming

In zo’n gesprek blijven we bij onze eigen reactie en bereiken elkaar niet. Als je naar de gespreksinhoud kijkt komt misschien de vraag op ‘wie is nu verantwoordelijk voor het superviseren van een leerling?’ Als je met je communicatiebril naar het gesprek kijkt vraag je je wellicht af of ze het niet eens samen over feedback geven en ontvangen zouden willen hebben. Met mijn mindfulnessbril kijk ik naar de ruimte die er is om anders op deze situatie te reageren.

To respond

Een kleine adempauze kan in deze situatie beide partijen ruimte geven.

De verpleegkundige die opmerkt dat er iets niet goed gegaan is, kan uitademen en nagaan wat de situatie met hem doet: een kleine paniekreactie wellicht, want dit kan verstrekkende gevolgen hebben. Of voelt hij zich onrustig vanwege gedachten als: ‘o jee, ik wil naar huis, mijn dienst zit er op, wat nu weer.’ Je innerlijke automatismen opmerken is één. En daarna heb je moed nodig om deze onprettige reactie toe te staan en die onrust te voelen.

Op een uitademing kun je even ontspannen. Wellicht dat je dan wat makkelijker kunt luisteren en kunt vaststellen wat je wilt met een gesprek met de leerling. Wil je dat zij wat leert? Of maak je je juist meer zorgen om het medicatie probleem? Wat staat je te doen?

Voor de leerlinge die wordt aangesproken geldt hetzelfde: stop, adem uit: sta even stil bij hoe dit van binnen voelt. Niet leuk, onprettig, irritatie, wat is je automatische reactie? Adem uit en luister naar de feedback van je collega. Wil ik hier van leren? Wil ik mijn gelijk bewijzen? Adem uit en luister.

Open aandacht helpt

Om te luisteren moet je stoppen, en met je aandacht bij de ander zijn, de irritatie parkeren. Dat kun je alleen, als je ook door hebt hoe het is met je eigen gevoelens. Luisteren is de moeite waard: kun je de woorden  toelaten, kun je horen wat er nog meer speelt, kun je een verhelderende vraag stellen en je eigen interpretaties even laten wachten…. Dat biedt ruimte aan het verhaal van de ander, en aan gevoelens die spelen.

Met behulp van mindfulness krijg je door dat de interpretatie van de situatie net zo bepalend is voor de sfeer als de objectieve situatie. En dat je altijd de optie hebt om even te stoppen, te ademen en na te gaan wat de situatie nodig heeft.

Je kunt niet voorkomen dat een vogel op je hoofd landt, je kunt wel voorkomen dat ie daar zijn nest bouwt..

Chris Grijns      
Mindful werken & gezondheidsmanagement

Nawoord Monique Wakelkamp:

Voor mij heel herkenbaar, wat Chris hier beschrijft. Zo’n eerste reactie van verontwaardiging, ergernis en irritatie ontaardt maar al te vaak in een welles – nietes gesprek. Hoe mooi is het dan als je de rust kunt bewaren en in staat bent om te luisteren wat die ander nou eigenlijk bedoelt! Heb jij zelf wel eens in zo’n situatie gezeten? Dat je even diep adem moest halen en daarna tot een mooi gesprek kwam?

 

 

Pin It on Pinterest